Op zoek naar de verloren harmonie

De opmerkelijke nabloei van het werk van Antoon De Clerck vanaf het einde van de jaren '80 vond een ruime weerklank in enkele exposities van Vlaamse topmusea. Volgend op een tentoonstelling in het Museum voor Schone Kunsten van Antwerpen (het ICC) in het najaar van 1995 toonde conservator Willy Van den Bussche van het Provinciaal Museum voor Moderne Kunst te Oostende in 1997 onder de titel "Highlights in de schilderkunst van de 20ste eeuw" een reeks monumentale schilderijen rond de integratie van kunstwerken van moderne meesters binnen een imaginaire museale context. De enig mooie presentatie verleende de in het werk van Antoon De Clerck sterk aanwezige architecturale dimensie een driedimensioneel karakter. Toch kreeg de tentoonstelling - ongetwijfeld de mooiste uit de loopbaan van de inmiddels 76 jaar jonge kunstenaar - niet de weerklank die ze verdiende. Alle ogen waren immers gericht op de retrospectieve van de luministische Leieschilder Emile Claus, die op hetzelfde ogenblik was te bezichtigen. De horden van scholieren en groeperingen allerhande die de tentoonstelling van Claus bezochten gunden de ingang van de zaal met het werk van Antoon De Clerck nauwelijks een blik… ondanks de herkenbaarheid in de schilderijen met bekende fragmenten uit schilderijen van onder meer Matisse, Mondriaan en Lichtenstein.

 

Hapklaar geserveerde pulp ?

Blijkbaar beantwoorden de beelden van Antoon De Clerck voor de doorsneeburger niet aan het verwachtingspatroon zoals dit ons door de media dagelijks wordt ingelepeld. De voorbije halve eeuw hebben wij door de stille indoctrinatie van de "televisiecultuur" - waarvan we elke dag een portie binnennemen - het kijken verleerd. Wij kijken niet meer… maar slikken met de mond wijd open 24 uur op 24 alle hapklaar geserveerde pulp, die ons op 36 kanalen als zoete pap op de schoot wordt geserveerd. Bij dit éénrichtingsverkeer moet de toeschouwer enkel maar slikken. In onze voorafgaandelijk gaar gekookte slikcultuur lijkt alles vanzelfsprekend en is elke kritische houding overbodig, ja zelfs gevaarlijk. Het is dan ook beangstigend dat de onstuitbare pletwals van de commerciële media de voorbije jaren ook de wereld van de cultuur in haar greep kreeg. Bij het toenemend aantal megatentoonstellingen rond "historische" kunstenaars (van voor de Tweede Wereldoorlog) staat het aantal bezoekers rechtstreeks in verband met het reclamebudget. Musea gelijken soms op hamburgertenten waar lange rijen aanschuiven voor de aankoop van op bekende kunstwerken geïnspireerde "afgeleide producten" of prullaria. Maar het opgefokt enthousiasme voor de maatschappelijk gerecupereerde impressionistische, expressionistische en surrealistische artiesten … valt de levende kunst helemaal niet te beurt. Voor de goegemeente is het hedendaagse kunstgebeuren immers verworden tot een synoniem voor allerhande extravagante en/of shockerende dingen. Kunst lijkt op zijn best wanneer iets sensationeels te beleven valt. De vorm en de manier van presenteren zijn belangrijk, maar niet de inhoud. De maatschappijkritische rol, die de kunst doorheen de eeuwen heeft vervuld, lijkt uitgespeeld.

 

 

 

Vicieuze cirkel

 

Aan de basis van deze visie ligt de sinds decennia aanhoudende overaccentuering van ons economische denken en handelen. Met de realisatie van elk jaar hogere (winst)cijfers als enig uitgangspunt dringt het economisch besef door tot alle geledingen van het maatschappelijk bestel. De daaraan gekoppelde vicieuze spiraal van het materialisme, met een alsmaar toenemende productie en consumptie, houdt ieder van ons in de ban. Rond het wetenschappelijk onderzoek - de basispijler voor de instandhouding van dit systeem - klitten intelligentsia samen, en worden jaarlijks gigantische budgetten uitgegeven. Door hun schier onaantastbaar prestige lijken wetenschap en techniek wel een nieuwe vorm van cultuur. In hun spoor nemen allerhande kicks en vluchtige modetrends de plaats in van discussies rond fundamentele levensvragen of gemeenschappelijke maatschappelijke projecten. Wat vandaag "in" is zal morgen plaats ruimen voor nog agressievere of meer banale rage. Zonder dit goed te beseffen draaien wij allemaal in deze mallemolen mee en worden wij meegezogen in de drang naar macht, bezit, succes en prestige. Soms hebben we het gevoel de greep op het gebeuren te verliezen terwijl jongeren die het noorden kwijt zijn vluchten in vermaak, drank en drugs. Toonaangevende actuele kunstenaars visualiseren het doodlopende straatje waarin wij ons bevinden in bijwijlen zwartgallige werken.

Tegenover het heersende cultuurpessimisme zit in het oeuvre van Antoon De Clerck een positieve ingesteldheid diep ingebakken. Aan de basis van zijn werk ligt een fundamenteel aanvaarden van de wereld zoals deze is. Hij is niet de rusteloze zoeker die alsmaar nieuwe horizonten aftast, maar trekt zich alsmaar dieper terug binnen zijn microkosmos of het kleine wereldje in de omgeving van zijn woning en atelier. Vanuit deze biotoop koestert en bewondert hij de mooie dingen rondom zich in de natuur en de actuele samenleving. De kunstenaar laat ons vanuit zijn dagdagelijkse leefwereld de schoonheid ontdekken in eenvoudige dingen. Achter dit werk gaan een aantal eeuwenoude waarden schuil die hun wortels hebben in de Griekse cultuur : de sereniteit en vooral de temperantia of het harmonisch evenwicht tussen de dingen. Maar door hun onderdompeling in een zee van licht en ruimte bevatten de werken tegelijk een projectie naar een hogere dimensie. De kunstenaar laat ons iets aanvoelen van het onvatbare, het transcendente, het Goddelijke. Een opperwezen, iets of iemand die dit alles tot stand heeft gebracht, en ook ordent. Het onderliggende fundamentele vertrouwen en het geloof dat alles ooit in orde komt, verklaren mee de rust en de zekerheid die zijn oeuvre uitstraalt.

 

Voor de "met een baksteen in de maag " geboren Vlaming is de collectieve droom van een eigen huisje met een tuintje - als visitekaartje waartoe men op eigen kracht in staat is - het hoogste goed. Onder invloed van het toenemende individualisme lijkt het vanzelfsprekend dat dit (volgens de ongeschreven regel) groter, beter en duurder is dan de woning van de buurman. De aanvankelijk bijhorende tuin verdween wegens te duur, het gebrek aan tijd om deze te onderhouden en de schaarste aan bouwgrond. De pest van de private verkavelingen met een opeenstapeling van pompeuze villa's - die door een falend stedenbouwkundig beleid alsmaar grotere delen van de Vlaamse landschaps- en natuurgebieden aantast - bereikte een vijftal jaren terug de oase van rust en groen rond de woning en het atelier van Antoon De Clerck. Het duurde lange tijd vooraleer hij dit gegeven, dat zijn microkosmos grondig wijzigde, assimileerde. Maar de kunstenaar voegde aan dit gegeven een artistieke dimensie toe en schilderde rond het thema een reeks van 22 werkjes. De aanvankelijk figuratieve voorstelling van de woningen uit zijn buurt werd stap voor stap uitgezuiverd, tot op de rand van de abstractie. We zien Antoon De Clerck op zijn best in de manier waarop subtiele lichtovergangen van lichte naar donkerder tinten, en van ingekleurde naar witte vlakken de tafereeltjes tot leven brengen en het oog van de toeschouwer in beweging zetten. Ondergedompeld in een betoverende sfeer van gewijde stilte vloeien de kleuren op een genuanceerde wijze in elkaar, waarbij zachte complementaire tinten de hevige kleurvlakken aflijnen. De kunstenaar past zoals een volleerd puzzelaar de geschilderde en de lege delen, de abstracte en de figuratieve vormen en de architectuur en natuur tot een samenhangend en evenwichtig beeld in elkaar. Het is een paradox, maar de kracht van de werken ligt zowel in het contrast als in de harmonie van de beeldelementen. Op het doek tasten de vormen elkaar af en spitsen de aandacht toe op datgene wat er vaak net niet te zien is. Omdat de kunstenaar de diepte- en ruimtewerking, de licht- en schaduweffecten, de spreiding en de intensiteit van de kleurvlakken alsook de dynamiek van het horizontale, verticale en schuine lijnen ondergeschikt maakt aan de sfeerschepping, klopt het perspectief vanuit technisch oogpunt niet altijd, en komt op de plaatsen waar men een schaduw verwacht een helder wit licht te voorschijn.

 

 

 

 

 

 

 

 

Op zoek naar de verloren harmonie

 

Antoon De Clerck tast met de scherpe blik waarover hij van nature beschikt op een poëtische wijze de omgeving en het licht af, om via een verdere uitzuivering verder door te dringen tot het mysterie van ons bestaan. Het is werk om stil te koesteren, en daarom was het misschien ook goed dat de horden van toevallige cultuurconsumenten er op de tentoonstelling in het PMMK te Oostende aan voorbij zijn gegaan. Er moeten nog heel wat jaren overgaan, maar bij het scheiden van het kaf en het koren zal dit werk overeind blijven als een krachtige en authentieke getuigenis van de eind 20ste-eeuwse leefwereld. Pas dan zal de tijd rijp zijn om deze voldragen kunst te serveren voor de massa. Wars van de angst, de eenzaamheid, de zinloosheid, het lijden en het cynisme die onze tijd kenmerken zal men er de verloren gegane harmonie in herontdekken.

 

Koenraad De Wolf

Van de schilderijenreeks Omtrent Verkavelingen werd een publicatie gemaakt waar behalve bovenstaande tekst van Koenraad De Wolf ook nog 23 schilderijen werden opgenomen en 22 gedichten van diverse dichters waaronder Francis Cromphout, Lut de Block, Christien de Clerck, Herman De Coninck, Thierry Deleu, Joris Denoo, Arne Deprez, Roland Jooris, Patricia Lasoen, Geert Six, Willy Spillebeen, Koen Stassijns, Jan Van Herreweghe, Guy Van Hoof, Daniël Van Ryssel, Eddy Van Vliet en Herwig Verleyen.

 

Dit boek kan verkregen worden bij vzw De Gebeten Hond p/a Ludo Depuydt Nijverheidsstraat 8 8530 Harelbeke 056 / 70 38 74